ECLI:NL:RBZWB:2026:4345
Naheffingsaanslag parkeerbelasting, beroep niet-ontvankelijk.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 28 May 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:4345
text/xml
public
2026-05-28T09:00:37
2026-05-20
Raad voor de Rechtspraak
nl
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-05-20
BRE 25/3769
Uitspraak
Eerste aanleg - enkelvoudig
NL
Breda
Bestuursrecht; Belastingrecht
Rechtspraak.nl
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:4345
text/html
public
2026-05-27T15:45:31
2026-05-28
Raad voor de Rechtspraak
nl
ECLI:NL:RBZWB:2026:4345 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 20-05-2026 / BRE 25/3769
Naheffingsaanslag parkeerbelasting, beroep niet-ontvankelijk.
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 25/3769
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 20 mei 2026 in de zaak tussen
[belanghebbende] , uit [woonplaats] , belanghebbende,
en
de invorderingsambtenaar van de gemeente Tilburg, de invorderingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de invorderingsambtenaar van 10 juli 2025.
1.1.
De heffingsambtenaar heeft aan belanghebbende een naheffingsaanslag in de parkeerbelasting met aanslagnummer [aanslagnummer] opgelegd.
1.2.
De invorderingsambtenaar heeft aan belanghebbende met dagtekening 19 juni 2025 aanmaningskosten met betrekking tot de naheffingsaanslag in rekening gebracht wegens het uitblijven van betaling van de naheffingsaanslag.
1.3.
De invorderingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
1.4.
De rechtbank heeft het beroep op 16 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan heeft mr. P.C. van den Aarsen verbonden aan verkeersboete.nl deelgenomen. Namens de invorderingsambtenaar heeft [gemachtigde] deelgenomen. Belanghebbende was niet aanwezig.
Beoordeling door de rechtbank
2. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en legt hierna uit waarom.
Feiten
3. De auto met kenteken [kenteken] stond op 12 mei 2025 omstreeks 09.25 uur stil aan de Ringbaan-West in Tilburg. Tijdens een controle op voornoemde datum en tijd is door parkeercontroleurs geconstateerd dat geen parkeerbelasting was voldaan.
3.1.
Naar aanleiding van de constatering dat geen parkeerbelasting was voldaan, is aan belanghebbende een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd van € 49,93 bestaande uit een bedrag aan belasting van € 1,00 en € 48,93 aan kosten van de naheffingsaanslag.
3.2.
Omdat belanghebbende de naheffingsaanslag niet tijdig (volledig) heeft betaald, heeft de heffingsambtenaar een aanmaning opgelegd. De kosten van de aanmaning zijn € 9,00.
Motivering
4. Iemand die namens een ander beroep instelt, moet op verzoek van de rechtbank een machtiging indienen om aan te tonen dat hij namens die ander beroep mag instellen. Als dat niet gebeurt, dan kan de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
4.1.
In deze zaak is door verkeersboete.nl een digitale machtiging overgelegd, maar is gebleken dat de handtekening dezelfde is als die van de digitaal getekende machtiging in bezwaar terwijl de machtigingen anders zijn. De machtigingen hebben dezelfde datum, namelijk 23 juni 2025. Naar aanleiding hiervan vraagt de rechtbank zich sterk af of belanghebbende van dit beroep en de zitting op de hoogte is. De rechtbank heeft de verkeersboete.nl daarom op zitting verzocht om binnen één week een nieuwe machtiging en een schrijven van belanghebbende waaruit blijkt dat belanghebbende op de hoogte was van de zitting, te overleggen.
4.2.
De rechtbank heeft geen nieuwe machtiging en geen schrijven van belanghebbende ontvangen. Verkeersboete.nl heeft hierdoor niet aangetoond dat beroep ingesteld mocht worden namens belanghebbende en dus ook niet dat belanghebbende zich door verkeersboete.nl wilde laten vertegenwoordigen op zitting. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk.
Conclusie en gevolgen
5. Het beroep is niet-ontvankelijk. De rechtbank beoordeelt dus de zaak niet inhoudelijk. Belanghebbende krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.L.E. Ides Peeters, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. de Vos, griffier.
griffier
rechter
De uitspraak is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch.
Artikel 8:24, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Artikel 6:6 van de Awb.