Op 1 en 2 september 2014 brachten staatssecretaris Van Rijn (VWS), minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) en staatssecretaris Teeven (Veiligheid en Justitie), Kinderombudsman Dullaert en VNG directieraad voorzitter een werkbezoek aan Denemarken. Het werkbezoek vond plaats in het kader van de decentralisatie van de jeugdzorg

Het werkbezoek is als zeer nuttig ervaren. Nederland zit op dit moment in een vergelijkbare situatie als in Denemarken in 2007 toen de verdere decentralisatie van de jeugdzorg plaatsvond, met als doel om een omslag te realiseren van nadruk op specialistische zorg en uithuisplaatsing naar preventie en vroegtijdige ondersteuning voor kind en gezin, waarbij het belang van het kind leidend is. Gemeenten zijn beter in staat gecoördineerde hulp aan kinderen en gezinnen, dichtbij de burger te leveren. Het werkbezoek maakt duidelijk dat er in Denemarken een positieve omslag heeft gemaakt, maar dat de Denen nu ook nog voor uitdagingen staan. Dit zijn uitdagingen op het terrein van uniforme kwaliteitsstandaarden, landelijke resultaten, zicht op en verspreiden van effectieve interventies.
De belangrijkste leerpunten voor de Nederlandse situatie zijn:
Omslag van nadruk op specialistische zorg en uithuisplaatsing naar preventie en vroegtijdige ondersteuning voor kind en gezin
Visie op zorg voor kinderen vanuit de inclusiegedachte en nadruk op welbevinden
Accent op werken vanuit en in aansluiting op de basisvoorzieningen en de continuering van de schoolloopbaan
Coördinatie op terrein van kwaliteit, resultaten, en inkoop van gespecialiseerde zorg
Beoogde doelstellingen, vooraf formuleren en evalueren
Stimuleren van het inzichtelijk maken van de kwaliteit van de jeugdhulp
Delen successen en ervaringen (over de effectiviteit van interventies) tussen gemeenten
Een transitie en transformatie gaan niet over één nacht ijs maar kost tijd voor het daadwerkelijke effect aantoonbaar is
