Een echtpaar in Dantumadeel had een voorlopige voorziening gevraagd tegen de intrekking door de gemeente van hun beschikking voor huishoudelijke hulp per 1 januari 2015. De rechtbank Noord-Nederland deed vandaag uitspraak in deze zaak.

Het gaat om een voorlopige uitspraak van een voorzieningenrechter, de definitieve uitspraak wordt binnenkort verwacht. De VNG kijkt uit naar deze uitspraak omdat dit voor iedereen (cliënten én gemeenten) duidelijkheid geeft.
In deze specifieke zaak spelen vooral de volgende vragen:
Nader onderzoek
Mag de betreffende gemeente een lopende beschikking met ingang van 1 januari 2015 intrekken zonder eerst een nader onderzoek naar de situatie van de cliënt te hebben uitgevoerd? De voorziening kan wel beëindigd worden maar alleen na een onderzoek waaruit blijkt dat de situatie van de cliënt is gewijzigd. De voorzieningenrechter concludeert dat de gemeente het besluit heeft gebaseerd op de huidige Wmo (Wmo 2007) en baseert zijn uitspraak dus ook op de Wmo 2007.
Algemeen gebruikelijk
De gemeente vergoedt de kosten van de huishoudelijke hulp voor mensen met een laag inkomen. Mag de gemeente de HH1 (eenvoudige schoonmaakondersteuning) algemeen gebruikelijk verklaren en mensen verwijzen naar de commerciële aanbieders? De voorzieningenrechter concludeert, eveneens op basis van de huidige Wmo (en jurisprudentie), dat huishoudelijke hulp niet algemeen gebruikelijk is. De gemeente moet eerst onderzoeken of de huishoudelijke hulp in de individuele situatie van de cliënt algemeen gebruikelijk zou kunnen zijn.
Geen algemene conclusies
Er zijn nog geen algemene conclusies te verbinden aan deze voorlopige uitspraak. De gemeente doet er uiteraard verstandig aan om de onzorgvuldig gevoerde procedure in dit individuele geval te herstellen en het besluit te heroverwegen.
Meer informatie
Hieronder de uitspraak van de rechtbank en uitleg over de begrippen 'algemene voorziening' en 'algemeen gebruikelijke voorziening'.
