Menu

Filter op
content
PONT Zorg&Sociaal

0

In gesprek met Mariëlle Ploumen, bestuurder bij De Nederlandse ggz

Mariëlle Ploumen is sinds begin deze maand toegevoegd aan het bestuur van De Nederlandse ggz, branchevereniging voor de geestelijke gezondheidszorg. Als doorgewinterd (kinder-en jeugd)psychiater en zorgbestuurder heeft Mariëlle onder andere eerder gewerkt bij Arkin, Reinier van Arkel en Aveleijn. Ook is zij sinds 2019 bestuurder bij Altrecht. Er is volgens haar echter nog veel te doen in de ggz, zoals het bevorderen van samenwerking met andere partijen, het doorbreken van stigma’s en meer aandacht voor wat wél goed gaat in de sector: ‘’We zijn snel geneigd om te kijken naar wat niet goed gaat. Hier zie ik ook een rol voor mijzelf in de politieke lobby.”

24 september 2020

Waarom bent u als bestuurslid begonnen bij De Nederlandse ggz?

De Nederlandse ggz is een netwerkorganisatie en dat past goed bij mij. Ik ben een verbinder en ik geloof in de kracht van samenwerken. Ons vak en onze branche is enorm in beweging en we zien dat de vraag naar complexe zorg toeneemt. Hier ligt een grote uitdaging, want ik zou juist graag zien dat steeds minder mensen en jongeren gebruik hoeven te maken van de ggz en andere zorg. Door verbinding met partners binnen en buiten onze sector te zoeken, samen te werken over de grenzen van onze eigen organisaties heen en onze werkwijzen meer af te stemmen kunnen we de juiste zorg bieden, doorontwikkelen en de zorg betaalbaar houden. Ik geloof daarin en wil me hier graag voor inzetten.

Waar komt uw interesse voor de ggz vandaan?

Ik ben kinder- en jeugdpsychiater. Ik wilde altijd al wel de zorg in. Toen ik op jonge leeftijd te maken kreeg met een chronische somatische ziekte (diabetes) besloot ik dat ik kinderarts wilde worden. In de loop der jaren realiseerde ik me dat ik geen ‘diabeet’ ben, maar iemand die diabetes heeft. Dit geldt ook voor mensen met een psychiatrische aandoening. Zij zijn geen autist of schizofreen. Door het proces van acceptatie van mijn ziekte ontwikkelde ik steeds meer interesse voor de psychiatrie. De richting die ik dus tijdens mijn studie medicijnen uiteindelijk heb gekozen. Het is een prachtig vak waar ik hopelijk nog veel in mag betekenen.

Welke uitdagingen ziet u bij De Nederlandse ggz en in het domein zelf?

Het nog meer samenwerken van alle partijen die betrokken zijn bij het herstel van onze patiënten. Pas dan kunnen we direct de juiste zorg leveren en ernstige psychiatrische aandoeningen tijdig voorkomen. Ook vind ik het van groot belang dat de kinder- en jeugdpsychiatrie veel meer gaat samenwerken met de volwassenpsychiatrie omdat veel problemen systemisch moeten worden aangepakt.

Een ander punt is dat ik graag meer aandacht wil voor wat er allemaal goed gaat. We zijn snel geneigd om te kijken naar wat niet goed gaat. Hier zie ik ook een rol voor mijzelf in de politieke lobby. Er is genoeg om trots op te zijn.

Ik hoop ook dat we het maatschappelijk debat kunnen kantelen en stigma kunnen doorbreken. Stigma geeft het gevoel niet mee te kunnen en mogen doen. Daarnaast belemmert stigma het herstel. Maak het bespreekbaar en zie elkaar als mens. Hier is nog veel te winnen.

Hoe ziet een werkdag van u ongeveer eruit?

Mijn dagen variëren enorm, dit maakt het ook zo leuk. Ik zit in veel overleggen, binnen Altrecht en op regionaal en landelijk niveau. Ik ga langs bij collega’s op de werkvloer, ben regelmatig op werkbezoek, trek veel op met ervaringsdeskundigen en spreek met partners in de regio. Ook zie en spreek ik patiënten en doe ik zo nu en dan nog consulten en crisisbeoordelingen. Op deze manier weet ik goed wat er binnen en buiten de organisatie leeft en speelt.

Wat hoopt u in deze functie bij te dragen aan de ggz?

Nog meer verbinding en samenwerking over de grenzen van de eigen organisaties heen. Met elkaar nemen we de verantwoordelijkheid voor de juiste zorg voor de patiënt die ook nog eens betaalbaar is.

Wat is uw grootste ergernis binnen de ggz?

Het zou onze branche helpen als we meer met een gezamenlijke visie naar buiten treden. Hierdoor kunnen we steviger het maatschappelijk debat voeren en beïnvloeden. Samen staan we sterker.

Wat is uw visie op de huidige ontwikkelingen in de ggz?

Ons vak en onze branche is enorm in beweging. We richten ons meer op preventie. We streven naar passende zorg op de juiste plek en het juiste moment. We willen af van de wachtlijsten. Ook willen we de zorg betaalbaar houden. De vraag van de patiënt staat steeds meer centraal. We helpen mensen op weg naar herstel en om de regie over hun eigen leven terug te krijgen. Dat doen wij niet alleen, maar samen met naasten, professionals en ervaringsdeskundigen. Dit vind ik een mooie beweging.

Waar ik me zorgen over maak is dat ik steeds meer nieuwe organisaties zie ontstaan door de marktwerking. Dit leidt tot discontinuïteit in een behandeltraject, versnippering, inefficiëntie en een toenemende zorgvraag.

Als u geen kinder- en jeugdpsychiater was geweest, welk beroep had u dan het liefst beoefend?

Dan was ik rechercheur geworden. Ik ben gek op speurwerk, analyseren, het een met het ander verbinden, uitdagingen en samen met anderen knelpunten oplossen.

Wie of wat inspireert u en waarom?

Ervaringsverhalen van patiënten (jong en oud) kunnen mij ontzettend raken en inspireren. Ik leer daar erg veel van, als psychiater en als bestuurder.

Welk boek/welke film raadt u iedereen aan?

One Flew Over The Cuckoo´s Nest blijft voor mij een intrigerende en aangrijpende film waar we nog steeds veel uit kunnen leren. De wereld wordt zoveel mooier als we kijken naar alles wat goed gaat. Sinds recent is op Netflix ook een spinoff te zien, Ratched, losjes gebaseerd op verpleegster Mildred Ratched, een van de hoofdrolspeelsters uit One Flew over the Cuckoo’s nest.

Fotograaf: Pim Geerts

Artikel delen