In sessie 10 pik je de draad op waar deze in sessie 9 gebleven was: je gaat verder met het aanpakken en oplossen van het probleem aan de hand van het TOP-plan.
Doel van de sessie:
Cliënten leren samen problemen oplossen zonder ruzie te maken.
Cliënten leren samenwerken.
In de volgende stappen leggen we uit wat de hulpverlener kan doen of zeggen om deze doelen te realiseren.
Stap 1. Vraag hoe het is gegaan met het naleven van de gedragsregels voor de omgang en communicatie. Zijn de gedragsregels ernstig geschonden, kijk dan welke actie er vereist is voor je doorgaat met de gezamenlijke sessies. Kijk of het nodig is om het veiligheidsplan in werk te stellen.
Bespreek dan het huiswerk.
Is er in de vorige sessie gestopt bij activiteit 4? Doe dan stap 2 zoals deze hieronder wordt beschreven, en daarna stap 4. Stap 3 kan je in deze sessie dan overslaan.
Is er in de vorige sessie gestopt bij activiteit 5? Sla dan stap 2 hieronder over en doe stap 3 en daarna 4.
Stap 2. Vraag of er nog nieuwe ideeën en inzichten zijn geweest tussen de vorige sessie en nu. Staat men nog achter de keus die in de vorige sessie is genomen? Zo ja, ga dan verder met activiteit 5 uit het TOP-plan. Het huiswerk voor de volgende keer is dan om het actieplan uit te voeren. Dit kan je dan in de volgende sessie evalueren aan de hand van hand-out 30. In de volgende sessie doe je dan stap 3 zoals deze hieronder wordt beschreven. Ga nu door naar stap 4.
Stap 3. Voer samen activiteit 6 uit van het TOP-plan: kijk samen naar hoe het uitvoeren van het actieplan is verlopen. Evalueer zowel op proces (hoe is het gegaan?) als resultaat (wat is er bereikt?). Je kan hiervoor hand-out 30 gebruiken.
Evalueer op resultaat. Vraag wat het actieplan heeft opgeleverd. Is het probleem naar tevredenheid opgelost? Zo ja, geef cliënten dan complimenten voor het behaalde resultaat. Is het probleem nog niet (helemaal) naar tevredenheid opgelost dan kan, aan de hand van deze evaluatie, een nieuw actieplan opgesteld worden. Kijk dan opnieuw naar de eerder verzamelde en beoordeelde opties (activiteit 2 en 3 TOP-plan). Kies daar een nieuwe oplossing uit en maak daarvoor samen een nieuw actieplan (hand-out 29). Kortom, doorloop opnieuw activiteit 4 en 5 van het TOP-plan. Tussen nu en de volgende sessie kan het plan dan worden uitgevoerd en in de volgende sessie de uitvoering ervan geëvalueerd.
Evalueer op proces. Informeer naar hoe de uitvoering van het actieplan is verlopen. Hebben beide cliënten gedaan wat ze zich hadden voorgenomen en hoe was dat? Welke obstakels kwam men tegen? Hoe kijkt men terug op het actieplan, de uitvoering daarvan en de onderlinge samenwerking? Geef complimenten voor de moeite die men heeft gedaan, ook als het resultaat (zie stap 2) tegenvalt. Ook hier geldt, als cliënten het over elkaar hebben: stimuleer ze om tegen elkaar te spreken in plaats van alleen tegen jou.
Ga na deze evaluatie door naar stap 4 hieronder.
Stap 4. Afhankelijk van de tijd die je hebt kan je nu onderwerp 2 van de gezamenlijke top 3 (zie sessie 8) erbij nemen. Je kan cliënten vragen of ze bereid zijn om ook dit onderwerp aan de hand van het TOP-plan op te lossen. Hierin kan je ze helpen weer activiteit 1 tot en met 4 of 5 te doorlopen.
Op deze manier kan je in een aantal sessies cliënten helpen de gehele top 3 van problemen door te werken. Je kan je begeleiding en sturing in de sessie steeds meer verminderen naarmate je merkt dat cliënten de activiteiten uit het TOP-plan beter begrijpen en uitvoeren en elkaar daarin meer met respect behandelen. Je kunt ze bijvoorbeeld delen van het TOP-plan samen buiten de sessie door laten lopen en dit in de volgende sessie evalueren. Dit is het principe van de fading therapist. Als hulpverlener verschuif je begeleiding en sturing steeds meer naar de achtergrond totdat cliënten de vaardigheid zelfstandig onder de knie hebben.
Tip: Gaan cliënten buiten de sessie om samen aan de slag met het TOP-plan, maak daar dan afspraken over. Waar gaat men dat doen? Hoe lang neemt men hier de tijd voor? En hoe gaat men dat doen? Benadruk dat cliënten de tijd nemen maar ook weer geen al te lange gesprekken samen voeren. Dat put uit en kan ervoor zorgen dat cliënten terugvallen in negatieve patronen. Spreek bijvoorbeeld af dat men maximaal een uur samen om de tafel gaat zitten op een rustige plek, waar de kinderen niet zijn, en dat beiden de telefoon wegleggen. Bijvoorbeeld bij een van beiden thuis als de kinderen op school zitten of op een andere locatie dan thuis.
Stap 5. Afronding. Vraag wat men van de sessie vond en vat de belangrijkste inzichten van de sessie samen. Bespreek dan het huiswerk.
Verloopt de samenwerking tussen cliënten nog niet zo gestructureerd of constructief dan is een vervolgsessie nodig om cliënten te helpen oefenen in het samen doorlopen van het TOP-plan. In dat geval geldt onderdeel A van het huiswerk.
Lijken cliënten voldoende constructief samen te kunnen werken, dan geldt onderdeel B van het huiswerk. Vraag cliënten of ze de rest van de lijst met onderwerpen (zie sessie 8) buiten de sessies om aan willen pakken met behulp van het TOP-plan. De volgende keer is in dat geval de laatste gezamenlijke sessie. Deze zal circa een maand plaatsvinden na deze sessie. Cliënten hebben dan de tijd om te ontdekken of ze voldoende toegerust zijn om ook buiten sessies om constructief samen te werken. De volgende sessie is dan een ‘terugkom’-sessie.
Huiswerk:
Cliënten gaan wederom aan de slag met die activiteiten uit het TOP-plan waar de sessie is geëindigd. In eerste instantie zal dat vooral activiteit 5 zijn of, bij ingrijpende beslissingen, het overdenken van de voorlopige keus bij activiteit 4. In dat geval kan je cliënten wel ook al laten nadenken over activiteit 5 en ze thuis, voor zichzelf, een voorlopig actieplan laten maken. In de volgende sessie kan je dan stilstaan bij activiteit 4 (de definitieve keus) en beide voorlopige actieplannen van cliënten naast elkaar leggen en eventueel helpen integreren.
Ga samen om tafel zitten. Kies een van de onderwerpen die nog op de lijst staan. Pas hier samen het TOP-plan op toe. Lukt dat? Ga dan door naar het volgende onderwerp op de lijst. Pak per keer maar 1 onderwerp.
De gezamenlijke sessies kunnen worden afgerond als cliënten in voldoende mate functioneel met elkaar kunnen communiceren over die onderwerpen die ze, in het kader van de kinderen en eventueel andere gezamenlijke belangen, met elkaar te bespreken hebben. Meer specifiek:
Volgen ze hun eigen gedragsregels op (sessie 7)?
Doen ze hun best om naar elkaar te luisteren en reageren ze op een kalme manier op elkaar?
Lukt het hen in voldoende mate om op een gestructureerde en kalme manier samen problemen en vraagstukken op te lossen?
Evaluatieformulier voor het actieplan | ||||
Probleem als geheel | Ga eerst na in hoeverre het probleem is opgelost. Het is: a). niet opgelost b). deels opgelost c). helemaal opgelost Loop dan de actiepunten uit het actieplan bij langs. Vul voor elk actiepunt uit het actieplan onderstaande kolommen in. | |||
Hoe is het gegaan met de uitvoering van deze actie? goed/niet zo goed/niet gedaan
| Het gevolg van deze actie is … | Het gevolg van deze actie is … zoals verwacht/valt mee/valt tegen | Is aanvullende actie nodig? Zo ja:
| |
Actiepunt 1 | ||||
Actiepunt 2 | ||||
Actiepunt 3 | ||||
Actiepunt 4 | ||||
Actiepunt 5 | ||||
Etc. |