Menu

Filter op
content
PONT Zorg&Sociaal

0

Verwarmingskosten 

De kosten voor verwarming behoren uit het reguliere inkomen te worden betaald. Als uitgangspunt is hiervoor dus geen bijzondere bijstand mogelijk. Het feit dat er een strenge winter is maakt niet dat er sprake is van individuele bijzondere omstandigheden omdat de strenge winter niet persoonlijk is en dan ook anderen te maken hebben met hogere verwarmingskosten. Als iemand bijvoorbeeld door reuma hogere stookkosten heeft, is er wel sprake van een situatie waarvoor bijzondere bijstand mogelijk is. Het verbruik van deze persoon wordt dan vergeleken met andere huishoudens en voor de meerkosten kan dan bijzondere bijstand worden verstrekt (zie voor voorbeeld uitspraak Rechtbank Amsterdam van 29 september 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:5804).

Maaltijdvoorziening 

De kosten van een maaltijd behoren uit het reguliere inkomen te worden betaald. Als uitgangspunt is hiervoor dus geen bijzondere bijstand mogelijk. In de situatie dat iemand nog wel zelfstandig woont, maar bijvoorbeeld door ziekte of handicap niet in staat is om voor zichzelf te koken geldt de Wmo 2015 als een voorliggende voorziening. 

Bewassing en kledingslijtage 

De kosten voor het wassen van kleding behoren uit het reguliere inkomen te worden betaald. Als uitgangspunt is hiervoor dus geen bijzondere bijstand mogelijk. Als door bijzondere omstandigheden sprake is van meerkosten, dan kan hiervoor wel bijzondere bijstand worden verstrekt. Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn bij incontinentie. Door de incontinentie wordt er vaker gewassen, zullen de was en de wasmachine sneller slijten en wordt er meer water en elektra gebruikt dan gebruikelijk. Voor deze extra kosten is dan bijzondere bijstand mogelijk.

Zorg 

Als door bijzondere omstandigheden zorg nodig is, dan wordt deze verstrekt op grond van de Wmo 2015 en/of Wlz (afhankelijk van de soort zorg). Voor deze zorg geldt doorgaans een eigen bijdrage. Voor deze eigen bijdrage is als uitgangspunt geen bijzondere bijstand mogelijk omdat het hier een bewuste keuze betreft van de voorliggende voorziening om de kosten niet volledig te vergoeden (zie art. 15 lid 1 tweede zin Pw).