Menu

Zoek op
rubriek
Zorg&Sociaalweb
0

Rechtbank Amsterdam: naar bestuursrechter met schermafdruk

Voor de toegang tot de bestuursrechter bestaat als hoofdregel het vereiste dat hetgeen wordt aangevochten een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet zijn. (1) Het begrip besluit is in deze wet als volgt gedefinieerd: ‘een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling’. (2) De exacte reikwijdte van dit begrip, en daarmee goeddeels ook de omvang van de toegang tot de bestuursrechter, is met regelmaat onderwerp van discussie. (3)

27 oktober 2022

Samenvatting

Samenvatting

Rechtbank Amsterdam

Enkele eisen – of sprake is van een bestuursorgaan, (4) of er sprake is van een rechtshandeling (5) en of die rechtshandeling publiekrechtelijk van aard is – kunnen een wat meer inhoudelijke discussie opleveren. De vraag of er sprake is van een schriftelijke beslissing is veelal vrij eenvoudiger. Bij een besluit denk je namelijk allicht al gauw aan een brief van een bestuursorgaan of een publicatie in de Staatscourant of het Gemeenteblad of iets dergelijks. Maar een besluit kan allerlei soorten en maten hebben. Zo kan het bijvoorbeeld ook gaan om een sticker (6) of zelfs een stempel van slechts één enkel woord. (7)

De uitkomst van een recent gepubliceerde uitspraak van de Rechtbank Amsterdam over het besluitbegrip (8) is dan ook niet heel verrassend, maar wel een interessante en in de praktijk relevante. Bovendien vloeit er een belangrijke tip uit voort: maak een schermafdruk indien een besluit op je scherm verschijnt waar je naar je inschatting verder geen afschrift/brief/e-mail van zal ontvangen. Dat kan (lange) discussies voorkomen als je de beslissing die in je scherm is verschenen en ook weer verdwenen, later wil aanvechten.

Het ging in de uitspraak van de rechtbank (onder meer) om een online aanvraag op grond van de regeling Tijdelijke Ondersteuning voor Noodzakelijke Kosten (hierna: Tonk/TONK):

“Aan de hand van de door [eiser] verstrekte en online ingevoerde informatie, werd [eiser] online meegedeeld dat hij geen recht heeft op Tonk, omdat zijn woonlasten te laag zijn en dat hij het online aanvraagformulier niet verder in kon vullen. Vervolgens heeft [eiser] op 9 augustus 2021 tegen de schermafdruk van de online-aanvraag bezwaar gemaakt. (…) Bij het bestreden besluit 1 heeft het college het bezwaar van [eiser] ongegrond verklaard, omdat het bezwaar niet tegen een besluit als bedoeld in artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is gericht.” (9)

De Rechtbank Amsterdam maakt echter duidelijk dat het wel degelijk om een besluit in de zin van de Awb ging. Tegen deze schermafdruk stond aldus bestuursrechtelijke rechtsbescherming open:

“De schermafdruk, overgelegd bij het beroepschrift, vermeldt: U hebt helaas geen recht op de TONK omdat uw woonlasten te laag zijn. U kunt het formulier niet verder invullen. (…) In het bestreden besluit 1 wordt overwogen dat wanneer bij het online aanvragen uit het invullen van de vragen blijkt dat men niet aan de eisen voldoet, het systeem ervoor zorgt dat verder niet kan ingevuld. De aanvrager ontvangt dan geen besluit, aldus het college. Echter, dit maakt naar het oordeel van de rechtbank niet dat de schermafdruk niet kan kwalificeren als besluit. Ook e-mails kunnen worden aangemerkt als besluiten in de zin van artikel 1:3 van de Awb, indien zij aan de overige voorwaarden voldoen. In dit geval is de mededeling van de schermafdruk op rechtsgevolg gericht want aan [eiser] wordt een aanvraag om een vergoeding geweigerd. Ten slotte wordt ook vermeld waarom hij geen vergoeding krijgt, namelijk omdat zijn woonlasten te laag zijn. De rechtbank is daarom van oordeel dat de schermafdruk van de mededeling aan [eiser] dat hij niet in aanmerking komt voor een vergoeding op grond van de TONK wel een besluit is als bedoeld in artikel 1:3 van de Awb.” (10)

Dit oordeel van de rechtbank is mijns inziens goed te volgen. Een klein punt van kritiek is de aanwezigheid in deze rechtsoverweging van de zin: “Ten slotte wordt ook vermeld waarom hij geen vergoeding krijgt, namelijk omdat zijn woonlasten te laag zijn.” Doordat aan het begin van de zin daarna het woord ‘daarom’ wordt gebruikt, lijkt het alsof de inhoud van deze zin (mede) de reden ervan is dat er sprake is van een besluit in de zin van de Awb. En zo zou wellicht de onjuiste indruk kunnen ontstaan dat een besluit alleen een besluit kan zijn als er een reden/motivering in staat. Hoewel in een besluit een (deugdelijke) motivering zou moeten staan, (11) moet het ontbreken ervan (of het ondeugdelijk zijn ervan) juist aangevochten kunnen worden in bezwaar en beroep, en moet zoiets er juist niet toe leiden dat de beslissing niet als besluit in de zin van de Awb wordt aangemerkt.

  1. Artikel 8:1 Awb.

  2. Artikel 1:3 Awb.

  3. De bestuursrechter gaat vanuit het oogpunt van rechtsbescherming overigens soms ‘strategisch’ met dit begrip om. Toegang tot de bestuursrechtspraak strandt dan mogelijk niet op dit begrip, waar dat strikt genomen wel zo zou zijn geweest. Zie in algemene zin hierover onderdeel 3.4 van ECLI:NL:RVS:2019:86 (conclusie 16 januari 2019, advocaat-generaal Widdershoven).

  4. Waarvan de definitie in artikel 1:1 Awb staat.

  5. Artikel 3:33 Burgerlijk Wetboek.

  6. ECLI:NL:RVS:2011:BU9436 , rechtsoverweging 2.3.1 en 2.3.2.

  7. Namelijk het woord ‘AFGEKEURD’, op vlees gestempeld. Zie hierover en in bredere zin over dit vereiste: H.E. Bröring en K.J. de Graaf (red.) e.a., Bestuursrecht 1, Den Haag: Boom juridisch 2016, p. 168-170.

  8. ECLI:NL:RBAMS:2022:3066 .

  9. Rechtsoverwegingen 1 en 2.

  10. Rechtsoverwegingen 4.1 en 4.2.

  11. Artikel 3:46 en 3:47, eerste lid, Awb.