Menu

Zoek op
rubriek
Zorg&Sociaalweb
0

''Daar gaat het kind weer'': Ouders van kinderen die komen en gaan

Ouders van uithuisgeplaatste kinderen ervaren de ontmoetingen methun kind als waardevol & moeilijk tegelijkertijd. Maar uit onderzoek blijkt dat gezinshuisouders door gastvrijheid, betrokkenheid en erkenning ouders kunnenondersteunen.

17 februari 2021

Door: Phebe Kranenburg, Thijs Pull ter Gunne en Siham Razgui

"Dat mijn zoon kwam en ging, daar had ik het heel moeilijk mee. Want dan denk ik "oh daar gaat het kind weer". Kun je het je voorstellen dat je als ouder je kind op een afgesproken tijd, één keer in de maand ontmoet? Dat je de ontwikkeling van je kind op een afstand volgt? En over de opvoeding weinig te zeggen hebt? Een groeiende groep ouders in Nederland komt hiermee in aanraking. Zij kijken toe hoe een andere ouder zorgdraagt voor hun kind.

Niet meer thuis wonen

Op dit moment wonen meer dan 43.000 kinderen niet meer bij hun ouders.(1) Wanneer er geen oplossingen meer zijn om een onveilige gezinssituatie te verbeteren, is een uithuisplaatsing de allerlaatste optie. Dit houdt in dat een kind, tijdelijk of voor langere tijd, ergens anders dan bij zijn ouders komt te wonen. Een gezinshuis is zo’n voorbeeld waar een kind kan komen te wonen. Dit zet het leven van kinderen en ouders volledig op zijn kop en brengt veel emoties met zich mee.

Wonen in een gezinshuis

Een gezinshuis is een professioneel zorghuis waar kinderen die niet meer thuis kunnen wonen in een huiselijke sfeer opgroeien. De opvoeders, ook wel gezinshuisouders, zorgen 24 uur per dag, 7 dagen van de week voor deze kinderen. De kinderen worden opgenomen in het gewone gezinsleven van de gezinshuisouders.

Alles is anders

Voor ouders en kinderen is dit een hele omschakeling.

"In het begin heb ik er heel veel moeite mee gehad. Je geeft je kind natuurlijk over aan andere mensen en daar zijn ook andere regels, andere dingen."

Voor ouders verandert de relatie met hun kind. Hun kind heeft ineens nog een gezin met ouders die de rol van opvoeder op zich nemen. Een ouder zegt over deze periode van verandering;

"Ik was niks. De gezinshuisouders waren alles. Daar was liefde. Daar was warmte. Zij luisterden naar haar. Daar had ze haar plekje gevonden. Dat kreeg ik ook allemaal in de gesprekken die je één keer in de maand had te horen. In het begin is dat zo intensief."

Je kind bezoeken

Wanneer een kind niet meer thuis woont, blijven ouders en kinderen elkaar, in de meeste gevallen, ontmoeten. Hoe het bezoek tussen ouder en kind er uit ziet hangt af van de afspraken met de rechter en/of het gezinshuis. Een deel van de ouders kennen een weekendregeling. Hun kind komt dan gemiddeld één keer per maand een weekend thuis. Ook zijn er ouders die hun kind op kantoor bij Jeugdzorg zien onder begeleiding van een hulpverlener. Per ouder en kind is dit dus heel verschillend.

De afspraken die gemaakt worden over het bezoek tussen ouders en kinderen wordt een ‘bezoekregeling’ genoemd. Ouders ervaren de bezoeken met hun kinderen als waardevol en moeilijk tegelijkertijd. "Het is goed dat er een bezoekregeling is. Anders vervreemden ze helemaal van mij en een kind heeft het nodig." Als ouder wil je je relatie met je kind houden en de mogelijkheid hebben je kind te kunnen spreken en knuffelen. Een moeder legt uit waarom bezoek zo belangrijk is; "Ik kan aan mijn kinderen laten zien dat ik van ze houd. Ouderliefde geven. Ik denk dat dat heel belangrijk is voor een kind. Ik heb ze dat mijn hele leven gegeven, maar vooral in deze situatie moeten ze weten dat ik hun niet in de steek laat." Een andere ouder zegt: "De dingetjes die we samendoen dat is gewoon heel waardevol. Waardevol voor ons allemaal."

Betrokken zijn

Het is natuurlijk ontzettend fijn om als ouder betrokken te blijven op je kind, ook wanneer het niet meer bij jou woont. Ouders kennen over het algemeen het verlangen betrokken te blijven op de ontwikkeling en welzijn van hun kind. De relatie met je kind wil je natuurlijk zo goed als kan behouden en daaraan verder bouwen. "Het onderhouden van het contact, het op elkaar afgestemd blijven. Ik probeer toch wel echt een band stevig te houden. Dat we close zijn. Dat we vader en dochter zijn en niet zomaar van op afstand."

De betrokkenheid van de gezinshuisouders is daarin voor ouders een grote sleutel. Je zou kunnen zeggen dat de letterlijke afstand tussen ouder en kind wat minder pijnlijk wordt wanneer gezinshuisouders, ouders ruimte geven betrokken te zijn. Even een kopje koffie, blijven eten in het gezinshuis of gewoon even bellen met een leuk nieuwtje over het kind. Betrokken zijn op elkaar door te delen en te overleggen. Dat is transparant zijn en samenwerken met elkaar.

"Wat ik heel positief vind, is dat de gezinshuisouder mij ook betrekt bij de schoolzaken van mijn dochter en mij ook uitnodigt voor de gesprekken."

Wanneer ouders betrokken worden bij de opvoeding van hun kind, spreekt de literatuur over: ‘gedeeld opvoederschap’. Ouders blijven op deze manier betrokken en krijgen ruimte om mee te beslissen over opvoedkwesties. Zo houden ouders een plek in het leven van hun kinderen en wordt dus ook sterk aanbevolen.

"Ik heb vanaf het begin de gezinshuisouders altijd als teampartners beschouwd. Als één groot gezin. Wanneer ik langskwam, mocht ik heel vaak blijven eten."

Samenwerken

De gastvrijheid en open communicatie wordt door ouders erg gewaardeerd, het geeft hen het gevoel dat zij samen met de gezinshuisouders op hetzelfde spoor zitten met oog voor wat goed is voor hun kind. Er zijn zelfs ouders die regels of doelen vanuit het gezinshuis meenemen wanneer hun kind een weekend thuis is. Deze ouder geeft een voorbeeld: "Hoe hij daar behandeld wordt, probeer ik hem bij mij thuis ook te behandelen. Zakgeld bijvoorbeeld. Heel leuk voorbeeld. Als mijn zoon iets van geld heeft wil hij dat gelijk uitgeven, en ik vind, joh, ga sparen. Toen heb ik gevraagd van, goh, hoeveel geld heeft hij daar. Dan komen we tot overeenkomst van, joh, wat gaan we doen. Is het hetzelfde als daar."

Dit is moeilijk zeg!

Wanneer een bezoek strikt verloopt en er geen rekening wordt gehouden met gevoelens of wensen van ouders en/of kinderen ervaren ouders dit als onprettig. De samenwerking en het inlevingsvermogen worden dan gemist. Deze ouder ziet haar dochter een uur onder begeleiding: "Er is echt geen ruimte voor ietsje langer. Heel strikt. Een uurtje en klaar. Terwijl mijn dochter aangeeft; mama ik wil nog dit doen of dat doen, maar dan is het gewoon klaar. Een uurtje en dan moet ze gaan." Aan het bezoek komt ook steeds weer een einde. Dit ervaren ouders als moeilijk. "Dat mijn zoon kwam en ging, daar had ik het heel moeilijk mee. Want dan denk ik "oh daar gaat het kind weer". Een andere ouder geeft aan dat het haar bij het afscheid hielp om te bedenken: "Hij heeft het daar goed. Het is goed voor hem en goed voor ons". Met andere woorden; ‘Het is beter zo’.

Covid-19

Toen we begin 2020 als land in aanraking kwamen met het virus Covid-19, hadden deze ouders een moeilijke periode. Vanwege de maatregelen waren ouders en kinderen even helemaal van elkaar gescheiden. In de meeste gezinshuizen stonden de bezoeken op stil. "Het was gewoon wel heel bijzonder natuurlijk, van; Wow nu word je van je eigen dochter afgesneden"

"Ik vond het wel pittig om je kind niet vast te houden, maar ja hoe ervaar ik dat? Ik vond het moeilijk. Het is haast niet te doen om je kind niet vast te mogen houden als je twee maanden je kind niet ziet of althans niet lijfelijk."

Gelukkig lagen er mogelijkheden rondom (video)bellen, Whatsapp, Skype en Social Media. Niet iedere ouder vond dit prettig werken. "Ik probeerde mijn zoon af en toe wel te appen zo van wil je eventjes face timen en dan is het soms nee, maar ja dat komt dan wel. Dan zei hij bijvoorbeeld doen we vanavond wel en dan gebeurde er gewoon ’s avonds niks en dan parkeer ik hem maar weer in en dat komt dan wel." Haar zoon vond het bellen niet zo fijn.

Er brak al snel een tijd van versoepelingen aan en zo mochten de meeste ouders hun kinderen na een tijd van 2 maanden elkaar weer in de armen sluiten. De maanden waarin ouders en kinderen door het virus van elkaar gescheiden waren heeft gelukkig bijna geen negatieve nasleep. Het contact met de gezinshuisouders bleef over het algemeen onveranderd. Gezinshuisouders appten soms even een berichtje meer. Meerdere ouders en kinderen kregen door de maatregelen zelfs meer contact. Ze begonnen elkaar meer te bellen en te appen dan gewoonlijk. "Ik denk omdat daar even meer behoefte aan was."

Ouders begrijpen dat de regels nodig zijn en dat het niet anders is. Open contact met de gezinshuisouders is fijn en een stuk inlevingsvermogen voor hoe pittig zo’n tijd kan zijn wordt enorm gewaardeerd. Een moeder geeft aan;

"Ik merkte bij de voogd wel dat hij soms iets te weinig inleefde in hoe pittig het voor mij als moeder was."

Je kind verliezen aan een ander gezin is niet niks, het is zelfs heel zwaar. Gelukkig is er de bezoekregeling. Via deze weg kunnen ouders en kinderen contact houden en elkaar ontmoeten. Het verzacht wellicht een beetje het verlies wanneer ouders ruimte krijgen warmte en liefde te kunnen geven aan hun kinderen. Want aan het einde van de dag, is dat wat een ouder het liefste wil: Een kind wat zich geliefd weet en waar het goed mee gaat.

"Het beste voor je kind."

Dit artikel is gebaseerd op het onderzoek; ‘Bezoekregeling vanuit het perspectief van de ouder’ (Kranenburg, Pull ter Gunne, Razgui, 2020)

(1) Argos. (2020, 7 november). Nog steeds geen afname aantal uithuisplaatsingen in Nederland. Human

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.