Menu

Filter op
content
PONT Zorg&Sociaal

0

De Staat van het Onderwijs 2026 – Onderwijs als collectief proces

Op 15 april 2026 is het rapport De Staat van het Onderwijs 2026 gepubliceerd. Het rapport werd gepresenteerd tijdens het gelijknamige congres. In deze jaarlijkse publicatie schetst de Inspectie van het Onderwijs de belangrijkste trends en ontwikkelingen in het onderwijsstelsel en de verschillende onderwijssectoren. Deze publicatie verschijnt bovendien in een bijzonder jaar, waarin de Inspectie van het Onderwijs haar 225-jarig bestaan viert. In deze Legal Update lichten wij een aantal bevindingen uit het rapport toe, waaronder specifieke aandachtspunten in het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs.

28 April 2026

Versterking basisvaardigheden

Zoals geconstateerd in De Staat van het Onderwijs 2025  (zie daarover onze Legal Update 'De Staat van onder Onderwijs 2025 – Talent blijft onbenut') ontvangen scholen in het funderend onderwijs nog vaak herstelopdrachten op het gebied van de basisvaardigheden taal, rekenen en vooral burgerschap. Het burgerschapsonderwijs blijkt vaak onvoldoende doelgericht, samenhangend en herkenbaar te zijn. Ook binnen het mbo zijn de resultaten zorgelijk: een derde van de mbo-2-gediplomeerden behaalt taalniveau 2F niet op het centraal examen Nederlands. Dat niveau is essentieel om volwaardig mee te kunnen doen in de samenleving. De Onderwijsinspectie signaleert dat dus nog geen sprake is van een trendbreuk, maar ook dat structurele verbetering van leerresultaten waarschijnlijk meer tijd nodig heeft. 

De rol van de schoolleider

De Inspectie van het Onderwijs benadrukt dit jaar de belangrijke rol van schoolleiders. Of het nu gaat om onderwijskwaliteit, passende plaatsing of kwaliteitszorg: de schoolleider vervult daarin een sleutelrol. Tegelijkertijd komen schoolleiders onvoldoende toe aan onderwijskundig leiderschap, onder meer door hoge werkdruk en een breed takenpakket. De Inspectie van het Onderwijs adviseert schoolleiders om met bestuur en team te bespreken welke extra ondersteuning nodig is, bijvoorbeeld via ondersteunend personeel of gespreid leiderschap. Ook roept zij besturen en schoolleiders op om de inzet van onderwijsondersteuners beter te organiseren, met duidelijk beleid, heldere taakafspraken en loopbaanmogelijkheden.

Verschillen in onderwijsloopbanen

Volgens de Inspectie van het Onderwijs hangen onderwijsloopbanen van leerlingen en studenten nog sterk samen met de regio waarin zij opgroeien. Verschillen ontstaan al vroeg en kunnen doorwerken tot op de arbeidsmarkt. Dat leerlingen en studenten verschillende diploma’s behalen is op zichzelf logisch, maar hun kansen mogen niet afhangen van hun regio. Iedere leerling en student moet een plek kunnen krijgen die past bij zijn of haar capaciteiten. De Inspectie van het Onderwijs kijkt in het toezicht daarom specifiek naar het bijstellen van schooladviezen en naar de inrichting van dat proces door scholen en besturen. Zij roept scholen en besturen op om deze uitkomsten in de eigen context te duiden en waar nodig maatregelen te nemen.

Digitale weerbaarheid

Digitale weerbaarheid wordt steeds bepalender voor een veilige leeromgeving. Onderwijsinstellingen zijn sterk afhankelijk van digitale systemen. Verstoringen, datalekken en cyberaanvallen kunnen het onderwijs ontregelen, persoonsgegevens blootleggen en het vertrouwen in de instelling schaden. Vrijwel alle besturen besteden in hun jaarverslagen aandacht aan dit onderwerp, maar de diepgang hiervan varieert. Cyberincidenten komen geregeld voor: vaak worden ze op tijd onderschept, maar soms leiden ze tot verstoringen. Met de verwachte inwerkingtreding van de Cyberbeveiligingswet voor het hoger onderwijs in het tweede kwartaal van 2026 wordt digitale weerbaarheid ook wettelijk verankerd. Daarnaast blijft digitale veiligheid afhankelijk van digitaal vaardige gebruikers, zeker nu AI nieuwe risico’s meebrengt. De conceptkerndoelen voor digitale geletterdheid in het funderend onderwijs moeten scholen helpen leerlingen hiervan bewust te maken.

Middelbaar beroepsonderwijs (mbo)

De Inspectie van het Onderwijs ziet in het mbo een toename van persoonlijke hulpvragen van studenten, zowel in aantal als in zwaarte. Zo blijkt uit onderzoek bij tien bekostigde mbo-instellingen dat veel studenten kampen met mentale problemen, somberheid en angst. Ook verslaving en dakloosheid worden geregeld genoemd. Mbo-instellingen bieden maatwerk en individuele trajecten, maar lopen daarbij tegen grenzen aan, door wachtlijsten in de zorg of haperende samenwerking met leerplichtambtenaren. De omslag naar een breder en preventief basisaanbod in de instellingen is nog in ontwikkeling.

Daarnaast signaleert de Inspectie van het Onderwijs ernstige risico’s van ondermijnende criminaliteit, vooral in de sector zorg en welzijn. Het gaat daarbij niet alleen om diplomavervalsing, maar ook om echte diploma’s die op onjuiste gronden zijn afgegeven, bijvoorbeeld via EVC, stages of examinering. Volgens de Inspectie van het Onderwijs moet de overheid daarom meer regie nemen op het EVC-stelsel en het toezicht daarop. Daarbij is een brede blik op Leven Lang Ontwikkelen nodig, met aandacht voor fraudebestendigheid.

Hoger onderwijs (hbo en wo)

Examencommissies hebben een belangrijke taak bij het bewaken van de waarde van diploma’s. Uit Inspectie van het Onderwijsonderzoek uit 2026 blijkt dat de meeste examencommissies deze verantwoordelijkheid voldoende invullen en kunnen vaststellen dat studenten bij afstuderen aan de eindkwalificaties voldoen. Ten opzichte van 2015 is echter weinig vooruitgang zichtbaar in de facilitering van examencommissies, de communicatie met examinatoren en de borging van alle eindkwalificaties. Op deze punten is vooral sprake van continuïteit. Ook wordt door een deel van de instellingen de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek niet volledig nageleefd.

Beleidsreactie staatssecretaris

Bij brief van 15 april 2026 heeft de staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie in een beleidsreactie gereageerd op het rapport van de Onderwijsinspectie. Daarin wordt de focus gelegd op vier van de thema's die wij hierboven bespraken – basisvaardigheden, schoolleiders, professionalisering en de risico's van regionale verschillen voor (kansen)ongelijkheid. Op deze vier thema's zegt de staatssecretaris daar werk van te gaan maken. Structureel wordt 1,5 miljard euro uitgetrokken voor onderwijs en onderzoek.  

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.