Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet. Daarmee spelen zij een cruciale rol in het ondersteunen van inwoners naar werk en maatschappelijke participatie. De wet biedt gemeenten ruimte om het beleid en de uitvoering lokaal vorm te geven, in samenhang met het bredere sociaal domein. Door deze decentrale opzet ontbreekt echter een eenduidig landelijk overzicht van de keuzes die gemeenten maken.

In opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft Significant APE onderzocht hoe gemeenten hun re-integratiedienstverlening vormgeven. In het onderzoek ligt de nadruk op beleidskeuzes, inzet van middelen en instrumenten, prioritering van doelgroepen en de kosten van een selectie van instrumenten. Dit deden we op basis van CBS-data, een vragenlijst onder gemeenten, gerichte uitvragen bij gemeenten en verdiepende gesprekken bij 12 gemeenten.
Dit rapport biedt waardevolle inzichten voor beleidsmakers, uitvoerders en iedereen die werkt aan een sociale en inclusieve arbeidsmarkt. Het onderzoek schetst een rijk en helder beeld van de gemeentelijke re-integratiedienstverlening. Enkele belangrijke bevindingen:
Gemeenten beschikken over ruime beleidsvrijheid om keuzes te maken die aansluiten bij de lokale context. Dit leidt echter tot aanzienlijke verschillen in doelen, uitvoeringsvormen en prioritering van doelgroepen.
Ondanks dat gemeenten meer aandacht geven aan maatschappelijke participatie (re-integratie in brede zin) in hun beleid, gaat het meeste geld naar de ondersteuning naar betaald werk (re-integratie in enge zin).
In 2024 registreerden gemeenten gezamenlijk ruim € 1,3 miljard aan re-integratieuitgaven, een toename van 40% ten opzichte van 2020. Desondanks is het beschikbare budget onvoldoende om alle inwoners passend te ondersteunen.
Gemeenten richten hun ondersteuning voornamelijk op inwoners met goede kansen op uitstroom naar werk. Oudere en langdurig bijstandsgerechtigden ontvangen vaker ondersteuning in de vorm van sociale activering en vrijwilligerswerk.
In 2024 werden 240.000 voorzieningen ingezet voor 175.000 personen. Gemiddeld genomen kregen mensen dus meer dan één voorziening aangeboden.
Personele inzet vormt de grootste kostenpost van de re-integratiedienstverlening. Een jobcoach kost gemiddeld € 74 per uur en een klantmanager € 75 per uur.
De samenstelling van het bijstandsbestand verandert; steeds meer inwoners hebben een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. Gemeenten staan daardoor voor de opgave om ondersteuning richting werk en maatschappelijke participatie beter in samenhang te organiseren.
Ontdek alle inzichten in het rapport.
