Menu

Zoek op
rubriek
Zorg&Sociaalweb
0

Hoe vrijwilligers en mantelzorgers in Almere de formele zorg ontlasten

In de zorg en het brede sociale domein is een gelijkwaardig samenspel tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten geen vanzelfsprekendheid. In hun recent verschenen advies Anders leven en zorgen stipt de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) Almere aan als plek waar die gelijkwaardige hulpverlening als voorbeeld kan dienen voor de rest van Nederland. In elk wijkteam in de stad werken medewerkers van de Almeerse organisatie voor vrijwilligers en mantelzorgondersteuning: de VMCA. In een tijd van oplopende personeelstekorten en een toenemend aantal hulpvragers, kunnen vrijwilligers en mantelzorgers een grote meerwaarde hebben voor de zorg- en de hulpverlening. Is het voldoende om in de toekomst een ‘zorgzame samenleving’ te zijn?

15 juni 2022

Steeds meer zorg- en hulpverlening staat onder druk. De toenemende zorgvraag, de krappe budgetten in het sociaal domein, bezuinigingen en personeelstekorten zorgen ervoor dat het zorglandschap verandert en het beroep op informele ondersteuners toeneemt. Zo is het in een verpleeghuis wenselijk als een 85-jarige moeder met dementie geregeld naar buiten kan om een frisse neus te halen. Professionals hebben daar echter steeds minder tijd voor. Daardoor zijn hulpvragers voor dit soort zorg- en hulpverlening steeds meer aangewezen op vrijwilligers en mantelzorgers in hun directe omgeving. Wat dit in de praktijk betekent, wordt bij de VMCA in Almere dagelijks gemerkt. Er is een toenemende behoefte aan ondersteuning bij problemen waarvoor eerder nog via de Zvw, Wlz of Wmo voorzieningen en ondersteuning bestonden. Als je zelf naar een bestraling in het Antoni van Leeuwenhoek moet, ben je nu bijvoorbeeld op jezelf of je netwerk aangewezen. Een netwerk dat daar lang niet in altijd toe in staat is. Zo zijn ‘tuinaanvragen’ en ‘ritjes’ naar bestemmingen die niet meer worden ondersteund populairder dan ooit. 

Hulpvragers zijn ook mondiger dan ooit, en redeneren vanuit verwachtingen die horen bij de klassieke verzorgingsstaat. Daardoor ‘eisen’ hulpvragers een bepaalde kwaliteit van zorg- en hulpverlening. Dit gaat samen met verharde omgangsvormen, die van professionals in de zorg- en welzijnssector veel vragen en doorsijpelen naar de informele zorg en ondersteuning. Aanvankelijk enthousiaste vrijwilligers haken daardoor sneller af. Tegelijkertijd maken de toenemende kosten het onbetaalbaar om terug te keren naar de verzorgingsstaat van weleer. De verschuiving van formele zorg- en hulpverlening naar de participatiesamenleving gaat niet vanzelf en vraagt investeringen in het informele domein. In haar advies stelt de RVS: “De zorg moet anders worden georganiseerd, want zoals het nu gaat kan het niet meer.” Alleen met goede ondersteuning is het mogelijk dat vrijwilligers en mantelzorgers in het gat kunnen springen dat de formele zorg achterlaat. Dit kan met wijkteams die aandacht hebben voor het complexe samenspel tussen formele zorg en informele zorg. Wel vraagt dit om specifieke kennis van medewerkers op het vlak van ondersteuning en het behoud van vrijwilligers en mantelzorgers.

De afname van het aantal vrijwilligers door de coronapandemie laat zien hoe moeilijk dat is. Na de lockdowns is een groot aantal vrijwilligers niet teruggekeerd. Door alle maatregelen gold voor mantelzorgers dat de ondersteuning die ze gaven juist zwaarder werd. Zo werden ouders bij wie hun kinderen door de zorgzwaarte niet meer thuis wonen ‘gedwongen’ om hun kind toch in huis te nemen. Ook andere maatschappelijke tendensen maken het belang van goede ondersteuning belangrijker. Zo is er de aanstaande extramuralisering, met een versterkte beweging van beschermd wonen naar beschermd thuis. Ook zullen aanvullende bezuinigingen in de Wmo en Jeugdzorg een wissel trekken op de informele zorg. Goede ondersteuning kan voorkomen dat mantelzorgers uitvallen in hun betaalde baan en heeft zo dus directe positieve maatschappelijke baten. Daarnaast draagt informele ondersteuning bij aan het levensgeluk van hulpvragers. Informele zorg en hulpverlening kan een belangrijke oplossing zijn om de druk op de zorg en het sociaal domein te ontlasten. Daarvoor is het wel nodig dat we zuinig zijn op informele zorgers en ze de erkenning krijgen voor de menselijke meerwaarde die ze bieden. Onder andere door ze de juiste scholing te bieden, inspraak te geven in zorgdossiers van betrokkenen en meer bewustwording te stimuleren bij de omgeving en werkgevers van de maatschappelijke meerwaarde die informele zorg en ondersteuning oplevert.

Almere laat zien hoe het kan. In de wijkteams werken wijkwerkers die gespecialiseerd zijn in de informele zorg. Bij hulpvragen wordt expliciet gekeken naar de inzet van vrijwilligers en mantelzorgers. Maar ook naar de belasting van mantelzorg op het gehele huishouden. Door dat te doen worden, door minder indicaties voor formele zorg, onnodige escalatiekosten voorkomen. Door het verankeren van expertise van informele zorg in het wijkteam, wordt op- en afschalen natuurlijker. Informele zorg is alleen niet gratis. Almere investeert dan ook volop in de versterking van de informele zorg en ondersteuning. Maatschappelijke baten zijn binnen handbereik met een goede begeleiding en ondersteuning van vrijwilligers en mantelzorgers. Begeleiding die van waarde is, want goede informele zorg is goud waard. De zorg en ondersteuning heeft een toekomst als gemeenten structureler investeren in informele ondersteuning. Dit vraagt sturen op de maatschappelijke meerwaarde door inzichtelijk te maken wat het oplevert. Het zou mooi zijn als de aanpak in Almere volop navolging krijgt in de rest van Nederland.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.